19-07-2010 Import van khat en financiering van terroristische organisaties


Uit recente mediaberichten blijkt dat de import en verkoop van khat in Nederland ten goede komt aan terroristische organisaties o.a. in Somalië of dat de verkoop in handen is van georganiseerde criminaliteit.

Welke gegevens heeft de Commissie gegevens over de link tussen de import van khat en terroristische organisaties?

Klopt het dat het gebruik en verkoop van khat alleen legaal is toegestaan in Nederland en Groot Brittannië?

Hoe zou volgens de Commissie de import, het gebruik en de verkoop van khat moeten worden aangepakt in de EU?

Gaat de Commissie dit verder onderzoeken?

Antwoord van mevrouw Reding namens de Commissie

De Commissie heeft geen specifieke gegevens over de link tussen de import van qat en de activiteiten van terroristische organisaties.

Uit een in opdracht van de Europese Commissie uitgevoerde recente studie over mondiale illegale drugsmarkten(1) bleek dat de potentiële banden tussen drugshandel en terrorisme of gewapende opstand belangrijk zijn, doch alleen in enkele landen, zoals Afghanistan en Colombia. De conclusie van de studie luidde dat in deze twee specifieke gevallen het verband tussen terrorisme en drugshandel kan worden beschouwd als een belangrijk onbedoeld gevolg van het verbod op drugs. Aangezien de potentiële winsten van de productie van en de handel in illegale drugs enorm zijn, willen terroristische en opstandige groepen daar graag inkomsten uit halen.

Wat qat betreft, zijn twee actieve bestanddelen van de qatplant — cathinon en cathine — aan internationale drugscontrole onderworpen, maar niet de qatplant zelf. De prijs van qat is betrekkelijk bescheiden ten opzichte van die van andere verdovende middelen zoals cannabis. Een kilogram qat kan in Nederland op detailhandelsniveau bijvoorbeeld 10 euro kosten, terwijl de detailhandelsprijs voor 1 gram cannabis in de meeste EU-lidstaten tussen 4 en 9 euro schommelt. De potentiële winsten van qat zijn veel lager dan die van de "klassieke" illegale drugs. Bovendien is de concentratie van actieve bestanddelen in qat laag, zodat er betrekkelijk grote hoeveelheden moeten worden gebruikt, met een normale dosis tussen 100 en 200 gram voor een typische gebruiker. Aangezien de qatplant reeds enkele dagen nadat zij is geoogst teniet gaat, is er slechts een beperkt risico op opslag of transport over lange afstand.

Volgens recente gegevens(2) van het Europees Waarnemingscentrum voor drugs en drugsverslaving (EMCDDA) is qat in 13 EU-lidstaten en Noorwegen aan controle onderworpen. In de 14 overige lidstaten bestaat er geen controle. Dit kan ten dele zijn omdat qat in die landen relatief onbekend is en omdat de actieve bestanddelen cathinon en cathine aan controle worden onderworpen op basis van internationale verdragen inzake drugsbestrijding. Volgens het EMCDDA kunnen sommige gegevens erop wijzen dat de qatplant in grote hoeveelheden wordt ingevoerd in het VK en Nederland(3).

In 2006 voerde het Comité van deskundigen inzake drugsafhankelijkheid van de Wereldgezondheidsorganisatie — een organisme dat is gemachtigd om risicobeoordelingen te verrichten in verband met de VN-verdragen inzake drugsbestrijding - een risicobeoordeling van qat uit(4). Het Comité nam de gegevens over qat onder de loep en stelde "dat het gevaar van misbruik en afhankelijkheid klein is. Het misbruik en de bedreiging voor de volksgezondheid zijn niet groot genoeg om internationale controle te rechtvaardigen. Het Comité bracht dan ook het advies uit om qat niet op een lijst op te nemen. (…)". Het Comité wees er ook op dat het gebruik van qat over het algemeen beperkt is tot bepaalde etnische groepen (in de meeste landen Somali), en dan nog vaak tot volwassen mannen. In de EU is het gebruik over het algemeen beperkt tot volwassen mannen van deze specifieke en relatief beperkte groepen. Uit studies is ook gebleken dat de meeste qatgebruikers niet geneigd zijn andere drugs te gebruiken; dat onderscheidt hen van andere groepen recreatieve drugsgebruikers in Europa.

In 2005 werd in het VK een soortgelijke beoordeling(5) uitgevoerd door de Advisory Council on the Misuse of Drugs (ACMD), die tot dezelfde conclusie kwam. Wat de betrokkenheid van de georganiseerde misdaad betreft, luidde de conclusie dat er geen criminele netwerken zijn betrokken bij de handel in qat en dat "het duidelijk is dat de handel in qat in het VK weinig winstgevend is. Mocht qat als gevolg van strafbaarstelling duurder worden, zou het gevaar kunnen bestaan dat georganiseerde criminele groepen die reeds zijn betrokken bij de handel in illegale drugs, qat gaan verhandelen". Volgens ramingen van de ACMD komen dagelijks tussen 5 en 7 ton qat in het VK aan, waarvan het grootste deel in bulk naar de VS wordt getransporteerd. Het VK is dus een land van doorgang naar de landen waar de qatplant illegaal is.

In 2007 voerde het Nederlandse Coördinatiepunt Assessment en Monitoring nieuwe drugs (CAM) een risicobeoordeling betreffende qat(6) uit, waarvan de conclusie luidde dat er geen sprake is van gebruik van qat in relatie tot georganiseerde criminaliteit. Zowel het totale aantal transporten als de totale hoeveelheid vervoerde kilogram qat blijft in Nederland redelijk gelijk of neemt zelfs wat af. Wat de uitvoer van qat naar derde landen betreft, is het prijsverschil (10 euro in Nederland, 35 euro in Denemarken) de belangrijkste drijfveer voor deze handel. Volgens ramingen van het CAM zijn in 2005 tot en met 2007 ongeveer 750 ton qat per jaar ingevoerd in Nederland. Meer dan 75 % van de totale hoeveelheid qat werd in Nederland ingevoerd door een beperkt aantal geregistreerde bedrijven, terwijl de overige 25 % werd ingevoerd door particulieren en eenmanszaken. Een andere conclusie was dat qat, vergeleken met eerdere beoordelingen door het CAM, over het geheel de laagste risicoscore van alle middelen heeft. Deze conclusie was in overeenstemming met een risicobeoordeling van de Wereldgezondheidsorganisatie uit 2006. Het CAM adviseerde om geen wettelijke maatregelen tegen het gebruik van en de handel in qat te treffen.

De Commissie is van mening dat met de bestaande toezichtmechanismen, waaronder het EMCDDA en het netwerk van Reitox-knooppunten, eventuele wijzigingen op de qatmarkt zullen kunnen worden gesignaleerd.

De conclusie van de publicatie van het EMCDDA luidt: "qat is een bulkdrug, moet snel worden vervoerd, verhandeld en gebruikt, wordt op een ongewone en ondoeltreffende wijze gebruikt (kauwen), is waarschijnlijk niet aantrekkelijk voor drugshandelaars of voor drugsgebruikers, die toegang hebben tot een brede waaier aan andere, gemakkelijkere alternatieven."

Ga terug