21-11-2007 Tuberculose

Eind november meldde het Nederlandse Tuberculosefonds de zeer grote dreiging van een buitengewoon resistente tuberculose. Recente cijfers tonen aan dat in een aantal lidstaten, waaronder de Baltische landen, deze dreiging zeer reëel is en dat dit probleem zich in hoog tempo verspreidt. Europa kan zich hier alleen tegen wapenen d.m.v. een doortastende aanpak zowel binnen de EU als in de ons omringende landen.

Heeft de Commissie kennis genomen van de berichten over een snel groeiend multiresistente tuberculosevariant die vanuit Centraal-Azië en Oost-Europa naar West-Europa komt? Hoe beoordeelt de Commissie deze dreiging?

Hoe wordt in de prioriteitstelling van het ECDC (Europees Centre for disease prevention and control) rekening gehouden met groeiende bedreigingen van aids, hepatitus, malaria en ook nieuwe resistente vormen van TBC?

Welke maatregelen zijn voorzien in het kader van de Europese gezondheidsprogramma's en welke maatregelen worden genomen op het terrein van de ontwikkelingslanden om snel een preventieve actie te starten om verdere uitbraak in te dammen?

Kan er een actieprogramma worden afgesproken met de lidstaten en wanneer zou zulk een actieprogramma tot uitvoering kunnen worden gebracht?

Antwoord van de heer Kyprianou namens de Commissie

De Commissie is zich bewust van het gevaar van tuberculose en van de hoge incidentie in de Baltische landen, Oost-Europa en Centraal-Azië. De Commissie is ook attent gemaakt op de problemen met resistente vormen van tuberculose. De risicobeoordeling is gebaseerd op informatie uit surveillance-activiteiten en vooral op gegevens over multiresistente varianten van Mycobacterium tuberculosis. Om toezicht op de dreiging te kunnen houden verleent de Commissie medefinanciering aan het EuroTB-project in het kader van het communautair programma op het gebied van de volksgezondheid 2003-2008. Het project beoogt vooral een vlottere uitwisseling van informatie tussen de lidstaten met het oog op gecoördineerde maatregelen in de EU. Alle lidstaten, Roemenië, Bulgarije, de landen van de Europese Economische Ruimte, Zwitserland en de leden van de Europese Regio van de Wereldgezondheidsorganisatie maken deel uit van het netwerk (in het totaal 52 landen). Informatie over de laatste ontwikkelingen kunt u vinden op http://www.eurotb.org/. De Commissie zal ook het European Centre for Disease Prevention and Control (ECDC) vragen de huidige situatie te beoordelen en daarbij bijzondere aandacht aan het gevaar van multiresistente varianten te schenken.

Het ECDC verleent zeer hoge prioriteit aan humaan immunodeficiëntievirus (hiv)/verworven immunodeficiëntiesyndroom (aids) en tuberculose, wat blijkt uit het feit dat aan elk van beide ziekten een van de zeven ziektespecifieke projecten van het ECDC is gewijd. Bij twee van de andere ziektespecifieke projecten wordt aandacht aan hepatitis en malaria geschonken. Een van de prioriteiten in 2007 bestaat erin betrouwbare Europawijde surveillancesystemen voor hepatitis B en C op te zetten.

Overeenkomstig Beschikking 2119/98/EG(1) van het Europees Parlement en de Raad wordt tuberculose als een prioritaire ziekte in de EU beschouwd. Beschikking 2119/98/EG beoogt een netwerk voor epidemiologische surveillance en beheersing van overdraagbare ziekten in de Gemeenschap op te richten met het oog op meer samenwerking en coördinatie bij de bestrijding van deze ziekten. Het netwerk wordt momenteel gebruikt voor epidemiologische surveillance en voor vroegtijdige waarschuwing en maatregelen ter beheersing van overdraagbare ziekten in de EU. Daarbij wordt ook aandacht aan tuberculose geschonken, namelijk via een surveillancenetwerk voor tuberculose (het bovengenoemde EuroTB-project) en via het systeem voor vroegtijdige waarschuwing en maatregelen, dat op overdraagbare ziekten in de EU attent maakt.

Artikel 6 van Beschikking 2119/98/EG bepaalt dat de lidstaten op basis van de informatie die via het communautaire netwerk beschikbaar is, met elkaar overleg plegen in nauw contact met de Commissie teneinde hun optreden ter voorkoming en beheersing van overdraagbare ziekten (met inbegrip van tuberculose) te coördineren. Naast het eerder genoemde medegefinancierde project (EuroTB) is in 2001 Aanbeveling 2002/77/EG van de Raad(2) over resistentie goedgekeurd. De aanbeveling beoogt vooral het correcte gebruik van antibiotica te bevorderen om het ontstaan van resistente agentia te voorkomen. De lidstaten moeten om de twee jaar over de uitvoering van de aanbeveling verslag uitbrengen.

Zoals eerder vermeld zal het ECDC worden gevraagd de huidige situatie met betrekking tot tuberculose en resistente vormen van tuberculose te beoordelen. Op basis van deze risicobeoordeling zal een actieplan worden voorgesteld. Er mag echter niet uit het oog worden verloren dat de lidstaten de volledige verantwoordelijkheid dragen voor nationale maatregelen ter bescherming van de volksgezondheid en voor de behandeling van patiënten.

Bovendien verleent de Commissie aanzienlijke steun aan onderzoek naar tuberculose (inclusief de verwerving van tuberculoseresistentie en de ontwikkeling van nieuwe behandelingen tegen multiresistente varianten van tuberculose). Onderzoekers proberen in het kader van door het zesde kaderprogramma gefinancierde projecten nieuwe verbindingen tegen multiresistente tuberculose te ontdekken. „New Medicines for Tuberculosis” is in dit verband een belangrijk geïntegreerd project om nieuwe geneesmiddelen tegen tuberculose te ontwikkelen. Bij het project zijn 20 partners betrokken, waaronder een groot farmaceutisch bedrijf, drie kleine en middelgrote ondernemingen en drie Oost-Europese landen.

Het zevende kaderprogramma voorziet in verschillende maatregelen om het probleem van extensief resistente tuberculose (XDR-TB) aan te pakken. Bij de eerste oproep tot het indienen van voorstellen in het kader van het zevende kaderprogramma zullen wellicht onderzoeksthema's aan bod komen als de oprichting van een Europees netwerk voor de studie en het klinisch beheer van tuberculoseresistentie, de ontwikkeling van sneltests voor de diagnose van multiresistente varianten van tuberculose en de toepassing van uiterst innovatieve methoden om nieuwe receptoren voor geneesmiddelen tegen tuberculose te identificeren en te valideren.

(1) Beschikking nr. 2119/98/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 september 1998 tot oprichting van een netwerk voor epidemiologische surveillance en beheersing van overdraagbare ziekten in de Europese Gemeenschap, PB L 268 van 3.10.1998.
(2) Aanbeveling van de Raad van 15 november 2001 betreffende het verstandig gebruik van antimicrobiële stoffen in de mensel©¦ke geneeskunde, PB L 34 van 5.2.2002.

Ga terug