24-04-09 Afdrachtvermindering


Bij inwoners van Duitsland die in Nederland werken doen zich de volgende problemen voor.

1. Wanneer een Nederlandse onderneming een arbeidscontract afsluit met een Nederlandse werknemer die gedeeltelijk ook het Nederlandse beroepsbegeleidend onderwijs volgt, ontvangt deze werkgever een reductie/vermindering op de belasting- en socialezekerheidsheffingen van ca EUR 221 per maand. De Nederlandse belastingdienst is nu van mening dat deze afdrachtvermindering niet van toepassing is als het een in Nederland werkende Duitse werknemer betreft die een vergelijkbare Duitse vakopleiding volgt.

Is deze weigering niet in strijd met het Gemeenschapsrecht? Welke (administratieve) voorwaarden mag Nederland stellen in dit soort gevallen?

2. Bij gezinnen met kinderen die in Duitsland wonen en waarvan de ene ouder in Duitsland werkt en de andere ouder in Nederland, komt het voor dat de ene ouder aanspraak heeft op de Duitse gezinsbijslagen (Kindergeld én voor 3 dagen loonvervangend Elterngeld) terwijl de andere ouder recht heeft op de Nederlandse gezinsbijslagen (kindergeld en voor 2 dagen kinderopvangtoeslag). De Duitse gezinsbijslagen moeten bij voorrang uitbetaald worden terwijl Nederland op grond van Verordening (EEG) nr. 1408/71(1) resp. Verordening (EG) nr. 883/2004(2) haar gezinsbijslagen aanvullend moet uitbetalen.

Moet Nederland bij deze samenloop een aparte berekening maken voor de klassieke kinderbijslagen en de andere vormen van gezinsbijslagen?

Is Nederland op grond van de verordening niet gehouden om de volledige kinderopvangtoeslag voor 2 werkdagen — in combinatie met het Duitse Elterngeld voor 3 dagen — uit te betalen?

Ga terug