Europees register waarin tucht- en strafrechtelijke uitspraken over medische beroepsbeoefenaars beschikbaar zijn voor autoriteiten en patiënten van alle lidstaten


Europa garandeert een hoog niveau van bescherming van de volksgezondheid middels artikel 152 van het Verdrag. In de laatste weken zijn er in Nederland twee gevallen geweest waarin medische beroepsbeoefenaars ondanks schorsing, tijdelijke schorsing of ontzetting uit het beroep, toch hun praktijk konden voortzetten. Een Britse arts, ontzet uit zijn beroep, kon in Limburg ongestoord zijn chirurgische praktijk voortzetten. Door het ontbreken van een Europees register waarin tucht- of strafrechtelijke uitspraken over medische beroepsbeoefenaars ter kennis gebracht worden aan de autoriteiten en consumenten/patiënten van alle lidstaten worden probleemartsen rondgepompt door de EU.

1. Wat denkt u te ondernemen, of heeft u reeds ondernomen, om te komen tot zo'n Europees register?

2. Wat kan gedaan worden aan aanpassing van Richtlijn 2005/36/EG(1), waarin nu uitsluitend de toelating geregeld wordt en niet de schorsingen en ontheffingen uit het medisch beroep?

3. Hoe denkt u over nadere voorstellen om in de richtlijn grensoverschrijdende zorg op te nemen dat registers over de uitoefening van het medisch beroep te allen tijde voor iedereen gemakkelijk toegankelijk moeten zijn? Alleen op die manier kan de consument/patiënt een weloverwogen keuze maken.

Antwoord van de heer McCreevy namens de Commissie

Het behoort tot de bevoegdheden van de lidstaten om tuchtrechtelijke of strafrechtelijke sancties te nemen tegen medische, en andere, beroepsbeoefenaars.

De vaststelling van Richtlijn 2005/36/EG betreffende de erkenning van beroepskwalificaties(1), waarvan de omzettingstermijn is afgelopen op 20 oktober 2007, heeft echter de administratieve samenwerking tussen de bevoegde instanties versterkt aangezien krachtens die richtlijn de uitwisseling van informatie tussen de lidstaat van oorsprong en de ontvangende lidstaat verplicht is geworden. Meer bepaald betreft het de uitwisseling van informatie inzake tuchtrechtelijke of strafrechtelijke maatregelen of andere ernstige specifieke omstandigheden die gevolgen kunnen hebben voor de voortzetting van de desbetreffende activiteiten, alsmede alle informatie die relevant is voor de wettelijkheid van de vestiging van de dienstverrichter en zijn/haar goed gedrag(2).

Deze uitwisseling van informatie moet verlopen met inachtneming van de wetgeving inzake de bescherming van persoonsgegevens, als neergelegd in Richtlijn 95/46/EG betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens(3), alsmede in Richtlijn 2002/58/EG(4) betreffende privacy en elektronische communicatie. Het evenredigheidsbeginsel dat het uitgangspunt is van de richtlijn inzake de bescherming van persoonsgegevens, moet worden toegepast. Als bepaald bij Richtlijn 2005/36/EG kan informatie dus uitsluitend geval per geval worden uitgewisseld en dit alleen tussen de betrokken lidstaten.

Het voorstel van de Commissie voor een richtlijn betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg(5) is gericht op de rechten en mobiliteit van de patiënten en heeft geen betrekking op de gezondheidswerkers. In december 2008 heeft de Commissie een groenboek over de gezondheidswerkers in Europa(6) gepubliceerd, waarbij een openbare raadpleging is gestart inzake de behoefte aan kwalitatief hoogstaand en goed opgeleid gezondheidspersoneel in de gehele EU.

In Richtlijn 2005/36/EG is reeds het aspect van de tijdelijke dienstverlening door gezondheidswerkers behandeld. In 2012 zal de Commissie een verslag betreffende de toepassing van Richtlijn 2005/36/EG opstellen, waarin een evaluatie van de tenuitvoerlegging van bedoelde richtlijn zal worden gemaakt. Wanneer duidelijk zou worden dat de diverse verplichtingen en middelen op het gebied van de uitwisseling van informatie ontoereikend blijven om de bestaande problemen op te lossen, kunnen de verplichtingen (en toepassings­voorwaarden) met betrekking tot de uitwisseling van informatie eventueel worden herzien.

(1) Richtlijn 2005/36/EG van het Europees Parlement en de Raad van 7 september 2005 betreffende de erkenning van beroepskwalificaties, PB L 255 van 30.9.2005. De richtlijn is van toepassing op alle onderdanen van een lidstaat die in een andere lidstaat dan die waar zij hun beroepskwalificaties hebben verworven, een gereglementeerd beroep willen uitoefenen, hetzij als zelfstandige, hetzij als werknemer.
(2) De artikelen 8 en 56 van Richtlijn 2005/36/EG.
(3) Richtlijn 95/46/EG van het Europees Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegeven, PB L 281 van 23.11.1995.
(4) Richtl©¦n 2002/58/EG van het Europees Parlement en de Raad van 12 juli 2002 betreffende de verwerking van persoonsgegevens en de bescherming van de persoonl©¦ke levenssfeer in de sector elektronische communicatie (richtl©¦n betreffende privacy en elektronische communicatie), PB L 201 van 31.7.2002.
(5) COM(2008)414 def.
(6) COM(2008)725 def.

Ga terug